Cookies van Travelution
Deze website maakt gebruik van cookies om zo goed mogelijk te functioneren en de gebruiker de beste ervaring te bieden.

deel  

Remy Bonjasky, vechtsporter

"Ik bezoek graag landen waar mensen gek zijn op mijn sport"

 

Remy Bonjasky is drievoudig wereldkampioen K-1, een vechtsportdiscipline die bestaat uit elementen van onder andere thaiboksen, taekwando, karate, kickboksen en boksen. In 2003 veroverde hij zijn eerste titel en ook in 2004 en 2008 was hij de sterkste van de wereld. Tegenwoordig heeft Remy zijn eigen sportschool in zijn woonplaats Almere, Bonjasky Academy, waar hij onder andere vechtsportlessen aanbiedt. Per 1 januari 2020 opent de tweede locatie van Bonjasky Academy in Hilversum.

Bekende naam
“K-1 is, net als iedere sport, in sommige landen groter dan in andere. Landen waar de sport heel geliefd is zijn onder andere Japan, Taiwan, Roemenië (en andere Balkanlanden) en Amerika. In Japan komt er bij sommige wedstrijden bijvoorbeeld wel 50.000 tot 60.000 man publiek kijken. Hoewel de sport in Nederland steeds bekender wordt, komen er hier niet meer dan 15.000 mensen naar een wedstrijd. Dat betekent dat ik in andere landen veel bekender ben dan hier. In Roemenië heb ik nog steeds een bekende naam. Ik vind het altijd leuk om een land te bezoeken dat echt gek is van de sport. Hier in Nederland heb ik mijn rust en kan ik zonder drommen gillende mensen naar de Albert Heijn. In het buitenland laat ik me omringen door gekte en word ik een paar dagen totaal geleefd. Daar kan ik dan vervolgens thuis weer van bijkomen.”

Maximaal ontspannen
“Thailand is mijn favoriete vakantiebestemming. Je hebt er alle ingrediënten voor mijn ideale vakantie: lekker eten, de mensen zijn vriendelijk en het is er relatief betaalbaar. Je hebt er heel mooie resorts met goede en betaalbare spa’s. Ik houd wel van de nodige luxe en een goede massage tijdens mijn vakantie. Daarbij zijn er natuurlijk prachtige stranden en schijnt altijd de zon. Op vakantie staat er bij ons vooral veel relaxen op het programma. In Nederland zijn we altijd druk bezig met de zaak, evenementen of trainingen. Op vakantie zijn we echt aan ontspanning toe. Als we met het hele gezin op vakantie gaan moet er natuurlijk wel wat te doen zijn voor de kinderen. Dan zoeken we een plek met een pretpark of waterpark in de buurt. Liefst met zo gevaarlijk mogelijke glijbanen. Of we ook aan culturele uitstapjes doen? Nul. Het verbaast mij hoe lang mensen bereid zijn om in de rij te staan voor een schilderij. Dat is niet mijn idee van vakantie.”

Gevaarlijkste wegen
“Afgelopen jaar heb ik meegedaan aan het tv-programma De Gevaarlijkste Wegen Van De Wereld. Samen met Monica Geuze reed ik met de auto door Oeganda. Ik vond het fantastisch, maar mijn verwachtingen van Oeganda bleken niet helemaal juist. Ik had ergens verwacht dat ze daar nog met paard en wagen zouden rijden, maar dat is helemaal niet zo. In de stad rijdt er gewoon druk verkeer. Dat gaat er wel iets anders aan toe dan we in Nederland gewend zijn. Er zijn nauwelijks stoplichten, wel veel drempels, en iedereen rijdt door elkaar heen. Het oogt als één grote chaos maar er zijn verbazingwekkend weinig botsingen. Toeteren heeft er een totaal andere functie dan hier. Hier betekent het vaak: ‘hé klootzak’, daar betekent het eerder: ‘hé, ik ben in de buurt’. Er wordt dan ook niet agressief op gereageerd, terwijl je hier zo ongeveer met elkaar op de vuist gaat.”

Siberië
“Zo’n twintig jaar geleden ben ik eens in Siberië geweest, voor een wedstrijd tegen de bokser Sergei Gur. Ik was niet zo weg van Siberië. Ten eerste houd ik totaal niet van kou. Hier in Nederland vind ik het met een paar graden onder nul al koud, daar is het min dertig. Maar wat ik ook niet fijn vond, is dat er daar niet zoveel donkere mensen komen. Ik voelde me op den duur een soort attractie. In het begin was het nog wel grappig, maar na een paar dagen werd ik er echt ziek van. De wedstrijd heb ik gelukkig gewonnen, maar ik ga nooit meer terug naar Siberië. Of naar welk winters oord dan ook: ik weiger te betalen voor kou.”

Kip, rund en een visje
“Ben ik een experimentele eter? Renate, mijn vriendin, zit hier nu naast me te lachen. Ik ben van de categorie ‘wat de boer niet kent dat eet ‘ie niet’. Of eigenlijk: wat mijn moeder niet eet, dat eet ik niet. Ik heb altijd precies hetzelfde gegeten als mijn moeder. Dat gaat zo ver als wat kip, rund en soms een visje, maar daar houdt het op. Alles wat over de zeebodem kruipt gaat er niet in. Vlees moet bovendien goed bereid zijn. Kip moet warm zijn en rundvlees doorbakken. Zodra er een vleugje bloed te bekennen is raak ik het niet aan. Op reis is dat soms wel lastig. In Japan bijvoorbeeld, waar je natuurlijk de beste sushi van de wereld hebt. Maar ik eet echt geen rauwe vis, dus ik eet in Japan altijd bij een Italiaan. Vaak tot grote frustratie van mijn team.”

Foto boven: Jeroen Oosterveld